Stichting of kerkgenootschap?

 

Bij de oprichting van een kerk komt veel kijken. Eén van de dingen die je op een gegeven moment moet regelen, is inschrijving bij de Kamer van Koophandel. Daarbij heb je verschillende keuzes. De meeste kerken staan ingeschreven als stichting of als kerkgenootschap. Wat is het verschil en wat zijn de voor- en nadelen van deze twee opties?

Stichting

Het komt vaak voor dat kerken ervoor kiezen zichzelf als Stichting te organiseren. Hierbij een kort overzicht over wat een stichting is en aan welke voorwaarden een stichting wettelijk moet voldoen. Het is belangrijk dat de kerk die een stichting is zich strikt houdt aan deze bij wet opgenomen voorwaarden.

 

Wat is een stichting?

 Een stichting is een organisatie die niet als doel heeft om winst te maken. In plaats daarvan probeert een stichting een maatschappelijk, sociaal of ideëel doel te halen. Een stichting mág wel winst maken met een onderneming. De voorwaarde is dat deze winst aan het behalen van het ideële doel van de stichting moet worden besteed.

Een stichting heeft altijd een bestuur. In de statuten kunt u bepalen dat er ook een raad van commissarissen is. Deze houdt toezicht op het bestuur. De stichting is een rechtsvorm met rechtspersoonlijkheid. Dat betekent dat de bestuurders meestal niet aansprakelijk zijn met hun privévermogen voor eventuele schulden. Dit betekent ook dat een bestuur de zeggenschap heeft binnen een Stichting.

Anders dan bij een vereniging, heeft een stichting geen leden. Daardoor hoeft er geen ledenvergadering plaats te vinden om belangrijke besluiten te nemen en is er ook geen bemoeienis van leden in besluiten die genomen moeten worden.

Het geld van een stichting komt binnen via donaties, leningen, subsidies en erfenissen. Het is gebruikelijk dat kerken hiervoor aan fondsenwerving doen.

 

Oprichting van de stichting

Voor de oprichting van een stichting gaat u naar de notaris. De notaris stelt de notariële akte op met daarin de statuten. De statuten zijn dan de leidende regels en afspraken van de stichting. De notaris verzorgt vervolgens meestal de inschrijving van uw stichting in het Handelsregister van KVK. Alle bestuurders worden ingeschreven in het Handelsregister. Als u een stichting met onderneming heeft moet u dit in het Handelsregister opnemen. Geef bestuurswisselingen binnen 8 dagen door aan KVK.

 Bij de oprichting schrijft u ook de uiteindelijk belanghebbenden in van uw stichting in. Dit doet u in het UBO-register bij KVK. Uiteindelijk belanghebbenden (in het Engels ‘ultimate beneficial owner’, afgekort UBO) zijn bijvoorbeeld personen die directe of beslissende invloed hebben op de stichting.

 

Kosten?

Voor het kunnen oprichten van een stichting heeft u geen minimaal startkapitaal nodig. De tarieven voor oprichting bij een notaris liggen niet vast en verschillen per notaris. Gemiddeld kost dit tussen de € 400 en € 800. Bij KVK betaalt u eenmalig € 51,30 om uw stichting in te schrijven.

 

Opheffen van de stichting?

Wilt u de stichting beëindigen? Dan moet het bestuur eerst besluiten de rechtspersoon te ontbinden. Een ontbonden rechtspersoon houdt niet direct op te bestaan. De rechtspersoon is pas beëindigd als alle schulden en uitkeringen zijn betaald. Blijft er vermogen over? U heeft in de statuten bepaald waar het geld heen gaat.

 

Kortom, kiest u er als kerk voor om de rechtsvorm van een stichting aan te nemen, dan hierbij in een overzicht de mogelijke voor- en nadelen van deze rechtsvorm.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kerkgenootschap

Iedere kerk instelling valt onder de definitie van een kerkgenootschap. De term kerkgenootschap betreft een juridisch begrip die de wet geeft aan geloof gemeenschappen (dus ook andere religiën). De geloofsgemeenschap moet uit meer dan 1 persoon bestaan. Als rechtspersoon kunt u als kerk (geloofsgemeenschap) overeenkomsten aangaan en eigenaar zijn van (onroerende) goederen.

 

Een kerkgenootschap moet statuten laten opstellen en deze mogen niet in strijd zijn met de wet. Verder valt de kerkgenootschap onder het Kerkenrecht en moeten de kerk-reglementen en kerkordes aan dit recht voldoen. Een kerkgenootschap moet bij de KVK worden ingeschreven. De KVK doet slechts een marginale toetsing bij inschrijving.

 

Een kerkgenootschap mag als enige rechtspersoon zonder notaris worden opgericht. Verder bevat de wet geen regels voor de juridische organisatie van een kerkgenootschap. Als de kerkelijke organisatie commerciële activiteiten uitoefent, dan moet je ook de onderneming van de organisatie inschrijven bij de KVK.  Deze inschrijving is handig voor als de kerk zaken wil doen met de Bank of dergelijke andere commerciële instellingen.

 

Voor de erkenning van de Belastingdienst moet een kerkgenootschap voldoen aan de ANBI-status. Een kerkgenootschap komt dan in aanmerking voor fiscale voordelen. Een kerkgebouw is vrijgesteld van OZB (deze moet wel voor meer dan 70% worden gebruikt voor openbare eredienst).

 

Alhoewel een kerkgenootschap de volgende vrijheden kent, is het wel belangrijk dat deze geen activiteiten verricht die de openbare orde aantasten of in strijd zijn met de wet:

  • Hoeft zich niet te houden aan het gelijkheidsbeginsel.

  • Mag een eigen bestuur hebben.

 

Tevens op een rij voor de rechtsvorm kerkgenootschap de voor- en nadelen:

 

Hoe verder? Statuten.

Om een kerkgenootschap of stichting op te richten heb je statuten nodig. Als stichting ga je hiervoor naar een notaris. Als kerkgenootschap ben je vrij je eigen statuten op te stellen, onder bepaalde voorwaarden. Lees hier meer over het opstellen van statuten, en wat belangrijk is om in gedachten te houden (inclusief een handige checklist). Daarnaast zijn er een paar overheidsregelingen waar je rekening mee moet houden, zoals de WBTR (wel verplicht) en de ANBI status (niet verplicht).

Voordelen

  • Het Bestuur heeft de volledige zeggenschap, geen invloed van buitenaf (in tegenstelling tot een vereniging).

  • Statuten worden zelf bepaald in overleg met notaris, maar zijn redelijk ‘standaard’.

  • Er kan in de statuten worden verwezen naar het Kerkrecht, om gebruik te kunnen maken van de voordelen aanhangig aan dat recht.

  • Fondsenwerving makkelijker dan voor een kerkgenootschap.

Nadelen

  • Moet voldoen aan de in de wet gestelde voorwaarden. Zoals oprichting middels een akte van de notaris en statuten.

  • Geen winstuitkering mogelijk.

  • Geen leden (zoals een vereniging).

Voordelen

  • Vrijheid van godsdienst, dus het bepalen van eigen regels. Dit is met name prettig voor kerken die vallen onder een kerkorde van hun moederkerk in land van herkomst.

  • Geen oprichting bij notaris nodig. Wel moet je zelf bedenken hoe je statuten gaat opstellen. Daar hebben maar enkele notarissen in Nederland verstand van.

  • Alleen kerkgenootschappen mogen een begraafplaats hebben.

  • Fiscale voordelen bij eigen gebouw.

  • Kerkrechten.

  • Meer privacy (bijv. namen van bestuursleden niet weergegeven in Handelsregister).

Nadelen

  • Geen bescherming ten behoeve van aansprakelijkheid bestuurders.

  • Fondswerving lastiger dan voor een stichting. En sommige andere dingen zijn ook lastiger, omdat niet iedereen in Nederland open staat voor religieuze organisaties. Een stichting kan neutraler overkomen.